De ontwikkellagen en groeidynamiek in het kort

Dabrowski beschrijft vijf lagen van ontwikkeling. Deze lagen zijn echter niet zoals bijvoorbeeld de behoefte-pyramide van Maslov, dat eerst het ene level "volbracht" moet zijn, voordat men aan een ander level kan beginnen.

De lagen laten ieder een andere psychologische groeidynamiek zien. Dabrowski was er echter heel duidelijk over dat deze niveaus naast elkaar kunnen bestaan, in dat geval wel in conflict met elkaar; zoals gedachten, maar ook verschillende manifestaties van emoties met elkaar kunnen conflicteren. Een belangrijk aspect hierbij is, dat de conflicten "meerlagig" kunnen zijn. De manifestatie van de waarde liefde op laag I conflicteert met de manifestatie van liefde op laag III, bijvoorbeeld.

Dit conflict wordt 'opgelost' wanneer één van de structuren wordt geëlimineerd of een laag van functioneren onder volledige controle van een andere laag valt. Deze groei(dynamiek) is een voortgaande beweging tussen verschillende gedachten, emoties, motivaties en innerlijke drijfveren, die al dan niet uitmondt in een functioneren op (volgens Dabrowski's visie) een hoger niveau, door een innerlijke (eigen) hiërarchie van waarden.

Primaire integratie

Hier zien we gedragingen en wijze van sociaal relateren en emotioneel reguleren die voornamelijk een expressie zijn van impulsen, afkomst en opvoeding. Er heerst een zekere harmonie. Van diepgaande persoonlijkheidsontwikkeling door uiteenvallen en wederopbouw van de innerlijke structuur is geen sprake. Wel kan er sprake zijn van gedragsverandering.

Er heerst op deze laag mogelijk een gevoel van veiligheid, de (ongeschreven) regels zijn duidelijk en iedereen houdt zich hieraan, je draagt je steentje bij aan de groep. Maar ook (onbewuste) instincten zijn hier aan de orde: de individuele overleving staat centraal. We geven aan het goede doel, eigenlijk om aan de omgeving te laten zien dat we ons steentje bijdragen. Zorgen dat je tuintje er mooi bijligt, want wat zullen de buren er anders van denken. Wij zijn voor voetbalclub A, dus aanhangers van voetbalclub B haten we. Mensen die buiten "de kudde" vallen, worden òf met alle macht overgehaald om zich te voegen, of worden buiten de groep gezet (afwijkende ideeën zijn eigenlijk niet echt gewenst, zoals bv de eerste die beweerde dat de aarde rond is). Je zou kunnen zeggen dat gedrag (onbewust) gevormd wordt door biologische instincten en externe motivatie. Interne conflicten die ervaren worden, zijn eigenlijk externe conflicten (het individu met de omgeving, of een gevoel van innerlijke wrijving door de omgeving) De conflicten en de persoonlijke reactie en reflectie daarop, zorgen niet voor intensieve, desintegratieve innerlijke conflicten.

Desintegratie klinkt als een vorm van destructie, maar Dabrowski stelde dat deze desintegratie positief kan zijn en het leven kan verrijken, de horizon van een persoon kan verbreden en een enorme creativiteit in mensen kan aanwakkeren. Destructiviteit en creativiteit die, zogezegd en kort door de bocht, hand-in-hand gaan. De psychische en sociale groeidynamiek is echter voor velen een verwarrende tijd waarin gezocht wordt hoe de persoon kan omgaan met innerlijke conflicten, met intense gevoelens, met de persoonlijke ervaring hoe het leven 'zou moeten of kunnen zijn' en hoe het nu ís, maar ook met de vollere acceptatie wat voor hen waar is.

Eenlagige desintegratie

Hier begint het proces van desintegreren. Er is sprake van mentale (en soms fysieke) onrust, ongemak. Dabrowski omschrijft dit letterlijk als dis-ease. Uitingen die zelfdestructief, neurotisch of bijvoorbeeld angstig van aard zijn, worden door Dabrowski echter gezien als een mogelijk teken van ontwikkelingspotentieel. Ze zijn namelijk expressief voor het bestaan van interne conflicten, ze laten de mogelijkheid tot verandering zien. Sterker nog, ze zijn een reflectie van "veranderingen". Vaak zijn deze veranderingen veroorzaakt door biologische veranderingen (bv menopauze, puberteit, midlifecrisis) of grote veranderingen in je leven (zoals een scheiding, problemen tijdens de opleiding, verlies van een dierbare enz). Vanwege de (heftige) interne onrust, wenden velen zich tot de (psychische) hulpverlening. Vaak is de hulpverlening gericht op herstel, naar "toen het nog wel goed ging".

Volgens Dabrowski is niet elke psychische verstoring daadwerkelijk psychopathologisch. Hij benoemde deze soms als een uiting van psychoneurosen: het interne systeem dat aanspoort tot persoonlijkheidsontwikkeling (in plaats van herstel naar toen het nog goed ging). De desintegratie kan weliswaar een heel heftig, kwetsbaar proces zijn. Niet zelden zal iemand die desintegratie doormaakt, willen herstellen naar primaire integratie (het level waarop innerlijke rust, zelfbehoud dan wel groepsacceptatie dominant zijn). Dit proces van primaire integratie naar éénlagige desintegratie en weer terug, kan meerdere keren voorkomen.

De eenlagige desintegratie laat geen differentiatie van emoties en intellectuele controle zien. Er is geen onderscheid tussen motivaties, ideeën en acties die "meer of minder mijzelf" zijn. Externe invloed is behoorlijk doorslaggevend. We zien twijfel, ambivalentie, stemmingswisselingen, gevoeligheid voor interne stimuli, depressies, mentale en psychische disharmonie. Er zijn tegenstrijdige acties (de ene dag wil ik blijven, de dag erna wil ik weg) of er wordt helemaal geen keuze voor een richting gemaakt. Er kan een gevoel zijn dat er geen weg uit het ongemak en de instabiliteit is. Het zou dan ook kunnen dat heftige mentale stoornissen worden geassocieerd met een éénlagige ontwikkelingsstructuur.

Spontane meerlagige desintegratie

Sommige mensen maken een spontane transitie naar de laag drie groeidynamiek. Op laag drie treedt er spontane meerlagige desintegratie op: wat eerder zeker was en waar was, wordt "losgeschud", en de persoon gaat via bewustwording van innerlijke conflicten een gedreven, niet per se gemakkelijk of zelfs emotioneel zeer moeizaam zelfonderzoek aan. Er ontwikkelt zich gaandeweg een persoonlijke hiërarchie van waarden, gefundeerd in emotionele ervaring. Een persoonlijkheid (samenkomst van gedrag, motivaties, waarden, intenties, relaties) ontwikkelt; de zelfbewust doorleefde waarden worden waargemaakt in gedrag.
Waar iemand in éénlagige desintegratie zijn/haar keuzes "in het donker" maakt, ziet iemand die spontane meerlagige desintegratie doorleeft in de verte een klein lichtpuntje (eigen hierarchie van waarden die het gedrag gaat sturen) waar hij/zij zich op kan richten tijdens de desintegratie en ingezette persoonlijkheidsontwikkeling.

Iemand die spontane meerlagige desintegratie doormaakt, doorleeft intense morele conflicten, maar beseft zich door reflectie en zelfevaluatie ook, dat deze waardevolle levenslessen & - inzichten zijn. Er is een beginnend gevoel van hogere (meer eigen) en lagere (meer externe) morele waarden. Er is een kritisch bewustzijn wat betreft zichzelf en de mensen in de omgeving.

Georganiseerde meerlagige desintegratie

Desintegratie gebeurt aanvankelijk spontaan, maar biedt gaandeweg en toenemend georganiseerd alternatief van 'zijn en worden'. Iemand in georganiseerde meerlagige desintegratie is rustiger, systematisch en bewust bezig met het vormen van de persoonlijkheidsstructuur. Het lukt een individu om meer en meer de persoonlijke idealen in overeenstemming te brengen met haar of zijn levenswijze, zelfzorg en keuzes. Op deze laag neemt een individu de eigen ontwikkeling op georganiseerde, zelfbewuste wijze in de hand. Innerlijke conflicten worden effectief behandeld via ‘autopsychotherapie’. Het Zelf is dan zowel begeleider als cliënt, zowel subject als object, zoals bijvoorbeeld de " innerlijke waarnemer" tijdens meditatie beoefend raakt. Er wordt zorgzaam en effectief omgegaan met interne conflicten. Waar nodig, mogelijk en passend kiest de persoonlijkheid-in-ontwikkeling voor zelfeducatie, staat de persoon open voor nieuwe, leerzame ervaringen en heeft de persoon geleerd bewust te signaleren welke zorgbehoeften hij of zij heeft, en welke omgeving passend, voedend, stimulerend en vrij is voor hem of haar. Zodoende worden de eigen ‘overprikkelbaarheden’ (overexcitabilities) prettig leefbaar geuit en geleefd.

Secundaire integratie

Deze laag laat een nieuwe organisatie en harmonisatie van de persoonlijkheid zien. Het dominante dynamisme is persoonlijk ideaal en gaat hand in hand met empathie en de gedragsmatige activatie van erkende idealen. Vanuit overstijgende liefdevolheid wordt het leven beleefd. Er wordt gehandeld vanuit intuïtie, weliswaar met praktisch inzicht en een scherp oordeelvermogen.

De persoonlijkheid die gedrag en motivaties zoals op laag vijf beschreven laat zien, weet hoe duurzaam en flexibel om te gaan met conflicten, ondergaat en (h)erkent emoties en innerlijke fluctuaties, kiest gericht voor specifieke waarden en wijst concreet 'maar' liefdevol af wat niet resoneert met de doorvoelde waarden. Er is sprake van een zekere harmonie tussen lagere en hogere motivaties en hoewel dit niet betekent dat de persoon helemaal geen conflicten heeft (soms extern door de aandacht voor het waarmaken van de diepere waarden), heeft de persoon met name de wijsheid om zowel het groeipotentieel van conflicten emotioneel alert te doorleven als waardenbewust gedrag en contact in de wereld te zetten.