De ontwikkeling van persoonlijkheid verloopt zelden geleidelijk. Soms zet je twee stappen vooruit en dan weer één stap terug. Of je bereikt een plateau en vervolgens gebeurt er lange tijd niets. Dan weer kom je, bijvoorbeeld na een periode van intense innerlijke processen, op een punt waarop het voelt alsof je weer helemaal terug bent bij af, alsof er nooit iets is veranderd.
In positieve desintegratie wordt met meerlagigheid het complexe samenspel bedoeld tussen de lagere en hogere mentale processen en motieven die één persoon gelijktijdig doorleeft en die op elk moment kunnen leiden tot verschillende vormen van gedrag.
Ieders persoonlijkheidsontwikkeling is een uniek proces dat niet volgens vaststaande stappen verloopt, maar een complex pad volgt, als het leven zelf. Dąbrowski spreekt daarom ook niet over opeenvolgende ontwikkelstadia maar over ontwikkelniveaus: ieder niveau beschrijft een karakteristiek patroon van ontwikkelingsfactoren (dynamismen). Ondanks dat op elke laag andere dynamismen actief zijn, kunnen de structuren van twee of drie aangrenzende niveaus heel goed naast elkaar in jezelf bestaan, soms in de vorm van een innerlijk conflict.
Wanneer je ontwikkeling een hoger niveau bereikt, betekent dit niet per definitie dat een structuur van een lager niveau in je ontwikkeling verdwijnt. Die structuur kan aanwezig blijven, naast het hogere niveau. Ze zijn dan nog wel vaak in conflict met elkaar. Dit merk je aan tegenstrijdige gedachten, emoties en gedragingen. Zo’n meerlagig conflict lost op wanneer je één bepaald patroon in denken, voelen of gedragingen loslaat of ontgroeid, of wanneer een lager ontwikkelniveau onder volledige controle van een hoger ontwikkelniveau komt te staan. Deze groei(dynamiek) is een continu proces tussen verschillende gedachten, emoties, motivaties en innerlijke drijfveren, waaruit een eigen hiërarchie van waarden ontstaat.
Hieronder vind je een voorbeeld overgenomen uit Dąbrowski’s boek Multilevelness of Emotional and Instinctive Functions van hoe een sociaal-psychisch construct als ‘succes’ functioneert op de verschillende ontwikkellagen. Zo wordt ook duidelijk hoe die lagen met elkaar in conflict kunnen zijn:
Succes op laag 1
Op het eerste, primitieve niveau betekent succesvol zijn het verkrijgen van bezit of aandachttrekken: als prestatie in sport, uitoefening van geweld, het verwerven van een positie, geld of materiële bezittingen. Succes wordt louter extern gemeten en gezien als het winnen van macht en het verslaan van anderen in meedogenloze competitie.
Succes op laag 2
Op dit niveau wordt succes nog steeds extern gemeten, maar hier ontstaat selectie en drang om primitieve vormen van succes te bereiken neemt af ten gunste van esthetische en morele overwegingen. Op dit niveau kan een mens soms afzien van extern succes ten gunste van anderen. Succes op niveau 2 kan altruïstisch vormen aannemen: succesvol zijn wordt nu ook gemeten aan goed doen voor de ander die sympathie oproept en behoefte heeft aan hulp.
Succes op laag 3
Weer een niveau verder wordt de betekenis van succes in meditatie, bespiegeling en overdenking onder de loep genomen. Moreel, altruïstisch en creatief succes weegt zwaarder dan externe, lagere vormen van succes. Dit kan zelfs leiden tot pogingen om het hogere succes-ideaal met geweld te bereiken, in de vorm van extreme zelfopoffering, onthechting en zelfs volledig afstand doen van materiële zaken en zinnelijke geneugten. Denk hierbij aan monniken, kluizenaars of iemand als Diogenes.
Succes op laag 4
Niveau 4 staat in het teken van afstand doen van externe, primitieve vormen van succes. Succes wordt gemeten in termen van behulpzaamheid bij persoonlijke groei van anderen, of als ‘succes door liefde’ waarin er een gezonde balans is in het contact tussen jezelf en de ander. Op dit niveau wordt op natuurlijke wijze afstand gedaan van externe, lagere vormen van succes: positie, macht, geld of bezittingen. Succes wordt ervaren door het streven naar zelfperfectie en het aangaan en onderhouden van duurzame banden van liefde en vriendschap.
Succes op laag 5
Op het vijfde niveau is er alleen nog de noodzaak om wat Dąbrowski ‘zelfperfectie’[1] noemt te realiseren. Wat eerder als succes werd beschouwd in het activeren van een hoger succes-ideaal of het bereiken van universele liefde, wordt niet eens meer als succes beschouwd, omdat in deze dimensie een woord als ‘succes’ niets meer betekent, is het is overstegen. Heel natuurlijk verdwijnt het probleem van succes uit het leven.
Noten:
[1] Volgens Michael M. Piechowski, die onderzoek heeft gedaan naar laag 5 exemplars, gaat laag 5 verder dan het ontwikkelen van jezelf op het hoogste niveau en meer richting transcendentie. Succes op deze laag zou volgens zijn bevindingen eerder gaan over leven vanuit een diepe, existentiële gewaarwording van verbondenheid tussen alles.